Migratieachtergrond

Op dinsdagochtend, 11 september 2001, zat ik nog enigszins brak achter mijn computer. Mijn tweede stageweek, op de afdeling commerciële diensten van de Amerikaanse ambassade in Brussel, was nog maar net begonnen. Enkele uren later, na de evacuatie van de ambassade, zat ik thuis. Verbijsterd. In de maanden die volgde groeide mijn interesse in de internationale politiek. Twee jaar later, president Bush verklaarde net de overwinning op Irak en ook Afghanistan lag inmiddels in puin, ronde ik in Leeds mijn studie Internationale Betrekkingen af. Mijn afstudeerscriptie, met de titel: ‘prospects for a democratic Iraq‘, heb ik onlangs nog eens teruggelezen. In de laatste alinea schreef ik: ‘… thus the only viable conclusion is a pessimistic one. Democracy in Iraq is doomed to fail.’ Ook in Afghanistan is nu onze (lees: Westerse) poging democratie te brengen hopeloos mislukt. Democratie blijkt geen exportproduct. Maar wat nu? Houdt onze verantwoordelijkheid hiermee op? Kunnen we, met andere woorden, achteroverleunen en zeggen: we hebben het geprobeerd maar helaas… 

Afghanistan is al sinds mensenheugenis een speelbal op het geopolitieke toneel. In de 19e eeuw lag het land centraal in het strategisch conflict tussen het Britse en Russische rijk. In de 20e eeuw werd het meegezogen in de Koude Oorlog en begin deze eeuw begon Amerika de strijd tegen het internationale terrorisme met de invasie van land; om er vervolgens nog twintig jaar te blijven. Die doorlopende bemoeienis met Afghanistan is overigens niet ingegeven door onze (lees wederom: Westerse) menslievendheid. Uiteindelijk was het ‘democratiseren’ niet veel meer dan een groot experiment, dat vooral lekker bekte voor Westerse leiders. Want, zeg nu zelf, het brengen van democratie klinkt sympathieker dan onrechtmatige bezetting. En voor de duidelijkheid: natuurlijk gingen we niet naar Irak om er democratie te brengen, net zoals we niet naar Afghanistan gingen om de bevolking te redden uit handen van de Taliban. De werkelijke reden? Olie, antiterrorisme, regionale belangen, militair-strategische belangen, zeg het maar. Feit is dat we ons met hen bemoeid hebben, dat we soevereine landen aan gort hebben gebombardeerd en dat we de lokale bevolking vervolgens allerlei beloften hebben gedaan.  

Nu ben ik geen socioloog, maar het lijkt mij dat de gemiddelde Afghaan ondertussen weinig op heeft met de ‘goede bedoelingen’ van de Internationale gemeenschap. Na eeuwen van internationale bemoeienis en twintig jaar militaire aanwezigheid is het misschien beter de soevereiniteit van het land nu eens te respecteren. Uiteraard zijn de ruim 18 miljoen vrouwen en meisjes in het land daar niet mee geholpen. Zij zitten straks weer binnen. Gesluierd en monddood. Wat te doen? Opnieuw ingrijpen is geen optie. Wegkijken evenmin. We zouden hoe dan ook de asielprocedure voor álle Afghanen moeten omdraaien. Van “Nee-Mits”, naar “Ja-Tenzij”. Geen politiek geneuzel over ‘opvangen in de regio’, maar een ruimhartig asielbeleid voor álle Afghanen die weg willen (en kunnen uiteraard). Verder moeten we de Taliban wellicht niet verder isoleren maar juist erkennen als machthebbers. De Taliban is, zoals blijkt uit het media-offensief, wel degelijk bezig met beeldvorming. En dat biedt, met de nadruk op enig, toch enig perspectief.   

Democratie kun je helaas niet opleggen. Dat is wel weer gebleken. Het feit dat ik het als 23-jarige student al voorspelde is, hoewel ik graag anders had beweerd, geen teken van mijn genialiteit. Het geeft echter wel aan dat Bush, Blair en Balkenende zeker wisten dat de kans op succes nihil was. In feite is er dus twintig jaar geëxperimenteerd met ‘democratisering’ over de hoofden van miljoenen Afghanen (en Irakezen). Nu het allemaal mislukt is, rest ons de morele plicht uiterst barmhartig om te gaan met hen die wel geloofde in onze valse beloften.  

Over de auteur

Hugo Trentelman

Reageer

door Hugo Trentelman

Hugo Trentelman

Get in touch

Quickly communicate covalent niche markets for maintainable sources. Collaboratively harness resource sucking experiences whereas cost effective meta-services.